25% of mothers still breastfeed after two years

25% of mothers still breastfeed after two years

BabyBytes hield onlangs een enquête onder JULLIE onze lezers, over borst- en flesvoeding. Aan de enquête deden 2651 respondenten mee. Vandaag zetten wij de resultaten op een rij en die zijn op sommige punten versassend te noemen.

De opvallendste punten die uit de reacties naar voren kwamen:

- 79% van de moeders heeft borstvoeding gegeven, waarvan 56% minstens een half jaar.

- 25% van de moeders geeft na twee jaar nog borstvoeding.

- De belangrijkste reden voor moeders om niet aan borstvoeding te beginnen is het feit dat het ‘te onzeker is’ en dat het als ‘te veel gedoe’ wordt omschreven (62%).

- Van de moeders die wel borstvoeding wilden geven, maar bij wie het niet is gelukt, geeft 30% aan dat dit komt door gebrekkige hulp van deskundigen.

- 90 van de 257 moeders bij wie de borstvoeding niet is gelukt, wijten dit aan een te lage melkproductie.

Borstvoeding heeft de voorkeur

Uit de peiling Melkvoeding 2015 van TNO blijkt dat flesvoeding de laatste jaren steeds minder wordt verkocht. De uitslag van de BabyBytes-enquête onderschrijft dit. Bijna 80% van de respondenten gaf of geeft borstvoeding en slechts 10% koos of kiest er bewust voor om hier niet aan te beginnen. 257 moeders geven aan graag borstvoeding gegeven te hebben, maar bij hen is het door verschillende redenen niet gelukt.

Langvoedsters

Een ander - zeer opvallend - punt is dat 517 moeders aangeven zelfs na de tweede verjaardag hun kind nog borstvoeding te geven. Volgens de richtlijnen van de WHO (World Health Organization) is dit het gezondst voor zowel moeder als kind.

Bewust geen borstvoeding

Ruim 10% van de moeders geeft aan bewust voor flesvoeding gekozen te hebben. De belangrijkste reden voor deze keuze, is dat ze het te onzeker vinden (32%) of dat het hen teveel gedoe lijkt (30%). In 25% van de gevallen is er een medische reden waarom moeders geen borstvoeding kunnen geven. 14% van de vrouwen geeft aan niet met haar borsten bloot te willen in het openbaar en noemt dat als reden om voor flesvoeding te kiezen.

Hulpverlening

bij 62% van de vrouwen ging het opstarten van de borstvoeding niet heel soepel en was er hulp nodig om dit op gang te krijgen. De productie kwam niet makkelijk op gang of het voeden werd als pijnlijk ervaren. Opvallend is dat in 30% van de gevallen de medische hulp (verloskundige, kraamverzorgende en verpleegkundige) tekort schoot. Moeders geven aan dat de hulpverlener vaak te weinig kennis had, geen geduld had of zelfs - tegen de wens van de moeder in - bleef aansturen op het geven van flesvoeding.

Melkproductie

203 moeders gaven aan wel graag borstvoeding gegeven te hebben, maar bij hen is het niet gelukt. In 44% van de gevallen kwam dit - volgens de moeders - door een te lage melkproductie. 31% geeft aan dat de baby niet goed aanhapte en bij 24% van de moeders deed het teveel pijn om door te gaan met voeden. Ook onzekerheid of het gebrek aan steun vanuit de omgeving waren belangrijke redenen voor moeders om te stoppen met het geven van borstvoeding.

Leave a comment on this article

comments (0)